Een magazijnmedewerker die tijdens zijn arbeidsongeschiktheid een bevriende kroegbaas hielp tijdens een streekfeest, werd door zijn werkgever op staande voet ontslagen. De rechtbank Rotterdam oordeelde dat dit ontslag onterecht was en kende de werknemer bijna 19.000 euro aan ontslagvergoedingen toe.
Werkgever trok eigen conclusies over belastbaarheid
De werknemer was sinds maart 2025 arbeidsongeschikt wegens energieklachten en was inmiddels gestart met re-integratiewerkzaamheden. Toen de werkgever vernam dat hij op een feestavond glazen had opgehaald en biertjes had getapt in een café, ontsloot hij hem op staande voet. De bouwmaterialenhandel vond het onacceptabel dat de werknemer geen energie zou hebben voor zijn eigen werk, maar wel in een kroeg kon werken.
Medisch oordeel is aan de bedrijfsarts
De kantonrechter stelde dat de vraag of het werk in de kroeg te belastend was voor de werknemer in beginsel een medisch oordeel is. De werkgever had de bedrijfsarts daarover moeten laten oordelen, in plaats van zelf die conclusie te trekken. Ook oordeelde de rechter dat een lichtere sanctie, zoals een waarschuwing of loonstop, meer op zijn plaats was geweest.
Fors prijskaartje voor werkgever
Omdat de werknemer zijn baan niet terug wilde, moet de werkgever een transitievergoeding van bijna 5.600 euro, loon over de opzegtermijn van ruim 3.100 euro en 10.000 euro schadevergoeding wegens onterecht ontslag betalen. Inclusief de juridische kosten van ruim 4.500 euro loopt het totale prijskaartje voor de werkgever op tot meer dan 23.000 euro.
Lees het volledige artikel bij RTL Nieuws.
